Begrippen

Een paar begrippen komen in elk hoofdstuk terug. Lees deze pagina één keer en de rest van de handleiding is te volgen.

Catalogus, schema, tabel

Data is geordend als een boom met drie niveaus:

  • Een catalogus is het bovenste niveau, meestal één per domein of afdeling, bijvoorbeeld finance.

  • Een schema groepeert samenhangende tabellen in een catalogus, bijvoorbeeld finance.facturen.

  • Een tabel bevat de data, bijvoorbeeld finance.facturen.regels.

Je noemt een tabel altijd met alle drie de delen: catalogus.schema.tabel. De platformcatalogus main is voor iedereen beschikbaar en is de standaardcatalogus in notebooks.

Dataproducten en eigenaren

Een dataproduct is een catalogus, schema of tabel waar een team verantwoordelijkheid voor heeft genomen. Het team dat het heeft aangemaakt is het eigenaarsteam. Eigenaren bepalen wie nog meer toegang krijgt.

Productcatalogi en containercatalogi

Als je een catalogus aanmaakt, vraagt Security Center welke Soort het is. Beide soorten zijn gewone catalogi in de boom hierboven; ze verschillen in wie wat bezit:

Soort

Wie bezit wat

Voorbeeld

Productcatalogus

Eén team bezit de hele catalogus. De catalogus is het dataproduct; het team maakt er zelf schema’s en tabellen in.

finance met finance.facturen.regels

Containercatalogus

Niemand bezit de catalogus als geheel; hij wordt gedeeld. Elk team maakt er een eigen schema in, en dat schema is het dataproduct van dat team (een schemaproduct).

bronze met bronze.finance.regels van Team Financiën en bronze.marketing.leads van Team Marketing

“Container” betekent in Security Center dus altijd een gedeelde catalogus, nooit een schema. In de boom heeft een catalogus het label Product of Container. Twijfel je, kies dan een productcatalogus: dat is wat de meeste teams nodig hebben, en met de standaardinstellingen is het de enige soort die teams mogen aanmaken.

Rollen op een dataproduct

Toegang wordt gegeven via een rol op een deel van de boom:

Rol

Wat het toestaat

owner

Volledige controle, inclusief toegang beheren en het product verwijderen.

writer

De data lezen en wijzigen.

reader

De data lezen.

De eigenaar kan ook eigen rollen maken, bijvoorbeeld regio_noord, om toegang te combineren met een rijfilter of een kolommasker.

Gefilterde toegang

Een rol kan gefilterd zijn: sommige rijen zijn verborgen (een rijfilter) of de waarden van sommige kolommen zijn gemaskeerd (een kolommasker). De data blijft in één tabel; elk team ziet alleen wat zijn rol toestaat. In de catalogus draagt zo’n rol het label filtered.

Een gefilterde tabel lees je op dezelfde manier als elke andere tabel, in SQL-tools en in notebooks. Het platform stuurt de query via Trino zodat het filter en het masker altijd gelden. Een team met een gefilterde rol kan de tabel lezen maar er niet naar schrijven.

Toegang loopt door naar beneden

Toegang tot een catalogus geldt voor elk schema en elke tabel erin, en toegang tot een schema geldt voor elke tabel erin. Je kunt dus toegang geven op het niveau dat past: één tabel, een heel schema of een hele catalogus.

Tabellen zijn Delta-tabellen

Tabellen in de catalogus worden opgeslagen in het formaat Delta. Als je in een notebook een tabel maakt, moet je dat opgeven, zie Notebooks en SQL. Een tabel die je in een notebook schrijft is automatisch ook te lezen vanuit SQL- en BI-tools (de tabel maakt zich ook bekend op een manier die Trino begrijpt, bekend als UniForm). Je hoeft niets te exporteren of te kopiëren.